ALGEMENE BEPALINGEN HUUROVEREENKOMST WOONRUIMTE 2003 PDF

Verhuurder is bevoegd aan zijn toestemming voorschriften voor de huurder te verbinden of daarbij een last op te leggen, met name met betrekking tot de door hem te gebruiken materialen en de kwaliteit daarvan, de toe te passen constructies en de te volgen werkwijzen, in het bijzonder met het oog op de mogelijkheid van en de gevolgen voor toekomstig onderhoud en veiligheid. Verhuurder kan aan een te verlenen toestemming voorts voorschriften verbinden met betrekking tot een brand-, storm- en WA-verzekering, met betrekking tot belastingen en heffingen en met betrekking tot aansprakelijkheid. Verhuurder zal bij zijn toestemming kenbaar maken of de veranderingen bij het einde van de huurovereenkomst wel of niet ongedaan moeten worden gemaakt. Verhuurder is, in het geval dat hij ongedaanmaking verlangt, bevoegd een garantie of een andere zekerheid voor de nakoming van die verplichting te verlangen.

Author:Malazuru Faunos
Country:Slovenia
Language:English (Spanish)
Genre:Video
Published (Last):17 April 2012
Pages:61
PDF File Size:5.79 Mb
ePub File Size:5.56 Mb
ISBN:302-7-85597-383-3
Downloads:11102
Price:Free* [*Free Regsitration Required]
Uploader:Barisar



Laatst gewijzigd16 april Leestijd Niet zelden worden verhuurders van woonruimte die een contractuele boete met hun huurders zijn overeengekomen in geval van illegale teelt van hennep geconfronteerd met een stevige matiging van het boetebedrag door de rechter. In dit artikel wordt uiteengezet waar huurders en verhuurders alert op moeten zijn.

Artikel Huurster doet bij de kantonrechter een beroep op matiging van de boete op de voet van artikel lid 1 BW. De kantonrechter wijst de vorderingen evenwel zonder matiging toe. Voor haar beroep op matiging voert huurster een breed scala aan argumenten aan.

Zo acht huurster het van belang dat zij de woning heeft onderverhuurd, dat deze onderhuurder vermoedelijk de hennepkwekerij heeft aangelegd buiten haar medeweten en betrokkenheid om, dat zij geen profijt heeft gehad van de opbrengsten, dat de hennepkwekerij maar kort in bedrijf is geweest en dat er niet is geoogst. Tevens acht zij het relevant dat naast de boete voor de hennepkwekerij ook een boete voor onderhuur en integrale schadevergoeding wordt gevorderd, dat de onderhuurder onvindbaar is zodat de schade niet op hem kan worden verhaald en dat haar netto inkomen ontoereikend is om de boete te betalen, aangezien zij daarvan twee kinderen moet onderhouden en een schuld aan DUO moet aflossen.

Verhuurder stelt zich op het standpunt dat genoemde omstandigheden geen beroep op matiging rechtvaardigen. ROZ-model huurovereenkomst kwalificeert zich als set algemene voorwaarden Het hof onderzoekt allereerst ambtshalve of het boetebeding in artikel Uit deze uitspraak van het Hof van Justitie volgt tevens dat artikel 6 van de Richtlijn gelijk wordt gesteld met een bepaling die naar nationaal recht van openbare orde is en daarmee valt binnen het eerste lid van artikel BW, hetgeen betekent dat een oneerlijk beding nietig is.

De Richtlijn is, zo overweegt het hof, onder meer omgezet in de artikelen BW e. Dat betekent volgens het hof echter niet dat artikel Het hof overweegt namelijk dat sprake is van een professionele verhuurder die het model van een huurovereenkomst voor woonruimte uit van de Raad voor Onroerende Zaken heeft gebruikt als huurovereenkomst. Aangenomen mag worden dat verhuurder het model ook gebruikt om de rechtsverhoudingen met andere huurders vast te leggen.

Verhuurder heeft niet gesteld dat over artikel Dit betekent, gezien het bepaalde in artikel 3 van de Richtlijn volgens het hof, dat het artikellid binnen de reikwijdte van de Richtlijn valt en daarmee ook van artikel sub a BW.

Uit de Richtlijn volgt dat een beding in een overeenkomst waarover niet afzonderlijk is onderhandeld, een oneerlijk beding kan zijn. In het Burgerlijk Wetboek is voor de vraag of een beding een algemene voorwaarde is, niet van belang of daar afzonderlijk over is onderhandeld, maar of het beding is opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen.

Blijkens de parlementaire geschiedenis is al sprake van een algemene voorwaarde als een beding in vijf of meer overeenkomsten is opgenomen. Als een professionele verhuurder een ROZ-model hanteert als huurovereenkomst waarbij over de meeste bedingen doorgaans niet afzonderlijk wordt onderhandeld , zal een beding derhalve al snel vallen onder de reikwijdte van de Richtlijn, althans worden aangemerkt als een algemene voorwaarde in de zin van artikel sub a BW.

Naar onze mening gaat het hof hierbij te gemakkelijk voorbij aan de daadwerkelijke bedoeling van de wetgever. Gevolg zou anders zijn dat bijvoorbeeld ook de bepalingen van afdeling 3 van titel 5 van Boek 6 BW op de NVM-akte koop van woningen van toepassing zijn. Dat is weinig passend. Hartkamp en prof. Sieburgh lijken die mening in de literatuur ook te zijn toegedaan.

Onredelijk bezwarend Nadat het hof heeft vastgesteld dat artikel Dat is volgens het hof niet het geval. Zij overweegt daartoe in de eerste plaats dat de illegale teelt van hennep in een woning een strafbaar feit is.

Bovendien kan het leiden tot verloedering van de wijk. Aangezien met de illegale teelt van hennep aanzienlijke winsten kunnen worden behaald, dient de boete voldoende hoog te zijn om afschrikwekkend te zijn. Nota bene: Indien verhuurders kiezen voor een boetebedrag per dag of per week, dan doen zij er verstandig aan om in elk geval een maximum boetebedrag op te nemen in de boetebepaling. Het niet opnemen van een maximumbedrag wordt regelmatig als onredelijk bezwarend geoordeeld.

Matiging boete door cumulatie van boete en schade Vervolgens komt het hof toe aan de vraag of de boete op de voet van artikel BW dient te worden gematigd. Voor matiging kan slechts reden zijn indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist, zo overweegt het hof. Daarbij zal de rechter niet alleen moeten letten op de verhouding tussen de werkelijke schade en de hoogte van de boete, maar ook op de aard van de overeenkomst, de inhoud, de strekking van het beding, de hoedanigheid van partijen en de omstandigheden waaronder het is ingeroepen vgl.

Reden daarvoor is dat artikel lid 2 BW als uitgangspunt neemt dat de boete in de plaats treedt van de schadevergoeding. Weliswaar kan een partij bedingen dat de boete verschuldigd is, onverminderd het recht op schadevergoeding, maar de verhuurder heeft dat in casu niet in artikel De huurovereenkomst biedt derhalve geen basis voor toewijzing van zowel de boete als de schadevergoeding. Toewijzing van de boete en schadevergoeding leidt dan ook tot een buitensporig en onaanvaardbaar resultaat.

Datzelfde geldt, volgens het hof, voor de cumulatie van de twee boetes voor twee sterk met elkaar samenhangende tekortkomingen. De overige door huurster aangevoerde omstandigheden acht het hof van onvoldoende gewicht om een verdergaande matiging te kunnen dragen.

Daarbij weegt het afschrikwekkende karakter van het boetebeding voor het aanleggen van een illegale hennepkwekerij zwaar voor het hof. Aandachtspunten voor verhuurder Vanuit het oogpunt van verhuurders is het gezien deze uitspraak van het hof van belang dat verhuurders van woonruimte er rekening mee dienen te houden dat boetebedingen die opgenomen zijn in huurovereenkomsten zelf — en dus niet in eventuele bijbehorende algemene bepalingen — zijn te kwalificeren als algemene voorwaarden. Dit risico doet zich voor indien het boetebeding is opgesteld om in een aantal huurovereenkomsten te worden opgenomen model-huurovereenkomsten , dan wel indien niet afzonderlijk over het boetebeding is onderhandeld.

Als het boetebeding is te kwalificeren als een algemene voorwaarde, toetst een rechter ambtshalve of het boetebeding onredelijk bezwarend is voor de huurder. De wet neemt echter als uitgangspunt dat de boete in de plaats treedt van de vergoeding van de geleden schade.

Om te voorkomen dat rechters als gevolg hiervan de boete gaan matigen, doen verhuurders er verstandig aan standaard expliciet in hun huurovereenkomst op te nemen dat de contractuele boete verschuldigd is, onverminderd het recht op schadevergoeding. Aandachtspunten voor huurder Vanuit het oogpunt van de huurder gezien is de uitspraak van het hof juist een belangrijke opsteker als het gaat om de reikwijdte van de redelijkheidstoets die een rechter ambtshalve dient te verrichten.

Met deze uitspraak in de hand kan de huurder betogen dat rechters deze toets niet alleen dienen uit te voeren op de algemene bepalingen bij een huurovereenkomst, maar ook op boete bepalingen in de huurovereenkomst zelf.

Voorwaarde is dan wel dat het boetebeding is opgesteld om in een aantal huurovereenkomsten te worden opgenomen. Een en ander neemt echter niet weg dat huurders zich dienen te beseffen dat het matiging van hoge contractuele boetes in geval van illegale teelt van hennep geen vanzelfsprekendheid is.

In tegendeel. Met deze uitspraak dienen huurders er juist rekening mee te houden dat ingeval van illegale hennepteelt hoge contractuele boetes betaald dienen te worden en dat rechters zich terughoudend dienen op te stellen bij het matigen van de boetes.

Mocht u nog vragen hebben over dit artikel over boetebepalingen in huurovereenkomsten van woonruimte dan kunt u contact opnemen met Robert Rijpstra of Willyne van Osch.

Beoordeel dit artikel.

ICDL V4 ARABIC PDF

Algemene bepalingen huurovereenkomst woonruimte

.

ITEXTSHARP MERGE FDF PDF

Algemene Bepalingen

.

Related Articles